Minor Migratie

De Nederlandse aftocht in Afghanistan: wat is onze verantwoordelijkheid?

Interview met Gita, studente SJD, die dit semester de minor migratie bij bestuurskunde volgt. Wij spreken over haar Afghaanse roots en haar kijk op de gebeurtenissen in Afghanistan sinds eind augustus en de rol die de Nederlandse overheid daarbij heeft gespeeld.

| Gita Aini en Marco Hofman |

Nederland moet veel meer Afghanen toelaten, voorrang geven aan hen en familie die de Nederlandse overheid in Afghanistan hebben geholpen

Kun je wat over je achtergrond vertellen? Ik ben in 2000 geboren in Konduz, Afghanistan. Toen ik een baby van zes maanden was ben ik met mijn ouders gevlucht. Met het vliegtuig zijn we naar Nederland gegaan. We kwamen in Ter Apel terecht. Daar verbleven we een tijdje en later heb ik in verschillende AZC’s in Nederland gewoond, in Friesland, Amersfoort en Leersum. In 2009 kregen we uiteindelijk onze asielstatus. Negen jaar hebben we hierop gewacht. Mijn vader is van Baghlan, hij behoort tot de Hazara’s, een religieuze etnische groep oorspronkelijk afkomstig uit Noord Afghanistan. Mijn moeder komt van Helmand en is Pashtun, ook een bevolkingsgroep uit Afghanistan. In 2000 werd de situatie heel onveilig voor ons, we zijn gevlucht voor de Taliban. We hadden al wat familie in Nederland, vandaar dat we naar Nederland vluchtten. Een groot deel van de basisschool heb ik in het AZC gedaan. Daar waren meerdere leerjaren met elkaar gemengd. Ik leerde heel snel Nederlands. In 2009 ging ik met mijn familie in Heemskerk wonen in een eigen huis. Daar kwam ik op een gewone basisschool terecht. Ik merkte een groot kwaliteitsverschil in het onderwijs en ik ontmoette voor het eerst zoveel Nederlandse kinderen. Mijn middelbare schooltijd – havo – heb ik doorgebracht in Beverwijk. Daarna ben ik een jaar hbo-rechten gaan doen om vervolgens te starten met sociaal-juridische dienstverlening (SJD). Ik zit nu in het derde jaar.

Wat is Afghanistan voor een land? Van Afghanistan zelf kan ik mij uit eigen ervaring niets herinneren. Momenteel is de situatie in het land slecht en onveilig. Er zijn bekenden van mijn ouders vermoord door de Taliban. Ik vraag daar weinig over. Verder is Afghanistan ook een mooi land met een rijke cultuur. Er wonen veel etnische groepen zoals Hazara’s, Pashtun, Tadjzieken en Oezbeken. Het is een verdeeld land, volgens velen is er geen eenheid. In Nederland merk ik wel dat sprake is van een Afghaanse identiteit. Laatst was er een demonstratie in Amsterdam met duizenden Afghanen. Er waren verschillende speeches en de organisatie bood een petitie aan de Nederlandse regering aan met daarin een oproep om Afghanistan als een onveilig land te verklaren. Dat heeft namelijk consequenties voor de asielprocedure en het verblijfsrecht. Mensen uit onveilig verklaarde landen kunnen niet uitgezet worden en er is eerder en sneller kans op een verblijfsrecht. Ik vind ook dat Afghanistan een onveilig land is, de situatie verslechtert met de dag. Hoe kijk jij naar de terugtrekking van Nederland en andere landen uit Afghanistan? Op zich snap ik dit wel. De Taliban rukte zo snel op, dat het verblijf van buitenlandse troepen in Afghanistan onhoudbaar was. Daarnaast lijkt iedereen zonder meer de Verenigde Staten te volgen. Soms lijkt het ook een vooropgezet plan geweest, aangezien in Pakistan een belangrijke leider van de Taliban in 2018 is vrijgelaten op verzoek van de VS. De terugtrekking van buitenlandse troepen is jammer en te abrupt geweest. Veel Afghanen die gevaar lopen, omdat ze hebben geholpen, zijn achtergebleven. Hun toekomst is erg onveilig en onzeker. Dit geldt ook voor de familie van mijn moeders kant, een deel is ontkomen, bijvoorbeeld mijn nicht en neef verblijven nu in Groot-Brittannië, mijn oom stond ook op de evacuatielijst maar kon door alle chaos niet op het vliegveld komen. Een deel van de familie die risico loopt is achtergebleven in Afghanistan. Via Afghaanse netwerken in het buitenland is veel hulp geboden aan Afghanen om ze uit het land te krijgen via bemiddeling en donaties.

Wat zijn volgens jou de gevolgen van deze terugtrekking voor Afghanen in Afghanistan? Zoals je hebt kunnen zien was er eerst een schijnbare tolerantie, vooral voor de bühne. Nu zijn er steeds meer strakkere regels door de Taliban opgelegd. Ze zijn erg conservatief en hangen een bepaalde strenge interpretatie van de Koran aan. Daarnaast is de Taliban een chaotische beweging. Er is geen regie en centrale organisatie, waardoor willekeur ontstaat in het opleggen en uitvoeren van allerlei regels waaraan de bevolking zich dient te houden. Dit kan per Taliban, per stad/gebied verschillend zijn. Het zijn verhalen die je hoort van mensen die gevlucht zijn; filmpjes op sociale media tonen beelden van geweld en ophangingen. Wat had de Nederlandse regering anders kunnen doen en wat kan ze volgens jou nog doen? Nederland had veel meer Afghanen kunnen evacueren. Er waren al heel lang signalen vanuit de Nederlandse ambassade over de aankomende machtsgreep en toenemende onveiligheid. De Nederlandse regering kan het nog goed maken door veel meer Afghanen toe te laten. Nu gaat het om 2000 Afghanen, maar er zijn er veel meer die bescherming nodig hebben. Mensen die nog steeds gevaar lopen + hun familie. Zij moeten voorrang hebben. De Nederlandse overheid moet eerst bescherming bieden aan de groep die met de Nederlanders heeft samengewerkt en daarna pas bekijken op wat voor verblijfsrecht er recht is. Ook vind ik dat binnen de EU Afghaanse asielzoekers verdeeld moeten worden en binnen de EU dezelfde asielprocedures moeten gelden. Er is nu veel te veel verschil in toelatings- en uitzettingsbeleid van Afghanen.

Hoe kan de Nederlandse overheid en de Nederlandse bevolking het beste omgaan en reageren op de komst van Afghanen de komende tijd? We kunnen Afghaanse statushouders in Nederland betrekken bij de opvang van hun landgenoten. Laat Afghanen ook snel en goed kennismaken met de Nederlandse cultuur. Ook hiervoor kun je Afghaanse statushouders inzetten. Uit ervaring weet ik dat het snel verkrijgen van een verblijfsvergunning goed is voor de integratie en het ‘thuis’ voelen in Nederland. Te lang in een AZC verblijven is niet goed voor je ontwikkeling, het leren van de taal en de integratie in de Nederlandse samenleving. Wat vind je eigenlijk van de minor? Heel interessant. Er is veel gesprek en discussie in de groep. En heel veel variatie in perspectieven op migratie. Zoveel verschillende persoonlijke verhalen en ervaringen. Het is belangrijk dat hier aandacht aan wordt besteed. De minor zorgt ook voor meer begrip en respect voor migranten. Wat mij betreft zouden we nog meer naar bepaalde plekken gaan buiten de HvA, zoals een AZC. Dat gaan we volgend jaar natuurlijk weer doen! Dank Gita voor dit interview! Gita Aini & Marco Hofman

Wil je reageren?